Uitnodiging voor Maarten van Rossum

dinsdag 26 februari 2013 door: Theo Cuijpers

Pand van Jos Bedaux aan de Bredaseweg Tilburg.

Graag lees ik de Maarten. Ik vind dat de analyses in dat blad vaak hout snijden, ze getuigen van historisch inzicht en men slaagt erin auteurs te vinden die helder en bondig kunnen schrijven. Voor het eerst had ik met het laatste februari-maart nummer van Maarten bijna spijt van mijn abonnement.

In elk nummer praat Maarten van Rossum met een bekende Nederlander en gaat met hem of haar naar de plek van zijn of haar jeugd. Goede formule, tenminste tot nu toe. Deze keer ging Maarten met de schrijver Kluun oftewel Raymond van de Klundert naar Tilburg.

Maarten, die Tilburg een van de lelijkste steden ter wereld vind, ging met Kluun op zoek naar de verschillen tussen noord en zuid, want, vindt Maarten ‘Nederland heeft niet één nationale identiteit. Het zijn er op zijn minst twee´.

Kluun heeft een bepaald beeld van het zuiden en de veranderingen die er plaatsvonden. Zeer persoonlijk, weinig onderbouwd en vergelijkbaar met de ex-roker, die heftig begint te proesten en met de armen te zwaaien bij confrontatie met de minste hoeveelheid sigarettenrook. In Brabant heerst de middelmaat; ‘wie denkte wel da ge bent’. Tijdens hun rit door Tilburg  merkt Kluun cynisch op : ‘Wat een pittoresk stadje is’t toch hè?’, De toon is gezet. Maarten: ‘Tilburg, dat is genieten geblazen. Het is allemaal frappant weinig esthetisch verantwoord’. En natuurlijk is Tilburgs volgens Kluun ook nog de lelijkste taal ter wereld.

Kerkhof Centrum Tilburg.Ik ga niet beweren dat Tilburg een grote schoonheid is. Het heeft geen mooi compact middeleeuws centrum met pittoreske geveltjes. Dat is waar, maar wel héél veel architectuur uit de periode 1850-1950. De stad groeide in die tijd heel hard door de groei van vooral de textielindustrie.. Heel veel religieuze architectuur, kloosters, waarvan er niet minder dan 40 waren en waarvan nog heel wat overeind staat. Tilburg was immers de meest katholieke stad van Nederland. Het ligt soms een beetje verspreid in de stad, soms tussen lelijke arbeiderswijken in, maar daartegenover  staan de panden van Van der Valk en een groot aantal ontwerpen van Jos Bedaux.

Een aantal straten in het centrum zijn zeker de moeite waard en dat geldt ook voor de Goirkestraat, het Wilhelminapark, en het laatste deel van de Bredaseweg, om de belangrijkste te noemen. Maarten ziet geen groen, geen voortuintjes, terwijl de stad bekend staat als een stad waar de tuinarchitect Springer zeer actief is geweest. Hij legde tuinen aan voor de textielbaronnen die verspreid over de stad woonden en al dat groen is heus niet allemaal tegen de vlakte gegaan.

Maarten heeft van Kluun een bevestiging gekregen van zijn verkeerde, veel te negatieve beeld, van Tilburg. ‘Een van de lelijkste steden ter wereld’, zei Maarten, die toch heel veel van de wereld heeft gezien.

Ik nodig Maarten van Rossum hierbij uit met mij een wandeling of fietstocht te maken door de stad en ik ben ervan overtuigd dat Maarten daarna zal zeggen dat hij misschien toch wat te negatief was en dat hij door Kluun te gemakkelijk is bevestigd in zijn vooroordeel. Bestrijden van vooroordelen (dat is oordelen dat voorafgaat aan weten) is wat iets Maarten wil, zowel de persoon als het  blad. Een buitenkansje dus!



reactiesBouwkunst 


Thuis in Brabant
 
Links | Colofon