Brabant onder de Bourgondiërs

Door het huwelijk van Margaretha van Vlaanderen met Filips de Stoute van Bourgondië in 1369 werd de basis gelegd voor het Bourgondisch bestuur van Brabant, al zou het nog wel even duren voor de Brabanders dat ook accepteerde. Het eindigde met de dood van Filips de Schone in 1506. Filips was de zoon van Maria van Bourgondië en Maximiliaan I van Oostenrijk. Na zijn dood kwamen de Habsburgers aan de macht.

Onder het bestuur van de Bourgondiërs bereikte Brabant een cultureel hoogtepunt. Het was de tijd van de grote gotische kerken en stadhuizen. Brabantse schilders en beeldhouwers speelden ook buiten Brabant een grote rol en Brabantse componisten schreven muziekgeschiedenis.

De economie van het huidige Noord-Brabant steunde voor een groot deel op de textielnijverheid. Op de uitgestrekte heidevelden graasden de schapen die wol leverden voor de omvangrijke lakenindustrie van de Brabantse steden en Vlaanderen. De turf van de veengebieden in West-Brabant werd eveneens geëxporteerd, tot in Engeland toe en ook de productie van zout, het daringdelven in de ontveende gebieden, droeg bij aan de welvaart. De soms verrassend grote en rijk versierde kerktorens in enkele Brabantse dorpen zijn de nog altijd zichtbare bewijzen van de toen heersende welvaart.



Meer informatie:

Wikipedia: Bourgondiërs


Thuis in Brabant
 
Links | Colofon