
Zilveren 60 stuiverstuk, geslagen als noodgeld in Breda in 1625.

Beleg van Breda (1624-1625)
In 1624 besloot Spinola om de strategische gelegen stad Breda te heroveren. Spanje was deze stad in 1590 kwijt geraakt aan het staatse leger dat door de list van het turfschip de Spanjaarden had kunnen verrassen. Spinola had behalve militaire ook persoonlijke motieven deze stad in te nemen, omdat hij in 1622 het beleg van Bergen op Zoom had moeten opgeven. Herstel van prestige speelde dan ook een grote rol.
De belegering was een logistiek meesterstuk van het Spaanse leger dat via lange en dus kwetsbare bevoorradingslijnen op de been moest worden gehouden. Maurits, en na diens overlijden in 1625 Frederik Hendrik, hadden getracht deze bevoorrading te verstoren maar waren daarin toch niet voldoende effectief. Een uitgebreid stelsel van verdedigingswerken maakte de stad vrijwel onbereikbaar voor steun van buitenaf. Enkele pogingen om voedsel aan te voeren per schip liepen dan ook op niets uit. Uiteindelijk moest de stad zich overgeven na een beleg van elf maanden omdat het gebrek aan voedsel de inwoners van Breda ernstig parten begon te spelen. Vooral ziektes die daarvan het gevolg waren, zoals dysenterie en scheurbeuk, en de hoge sterftecijfers misten hun uitwerking niet op de bevolking. Bovendien moest het garnizoen betaald worden om te voorkomen dat zij in de ontstane situatie hun werk niet meer zouden doen. Burgers van Breda moesten hun zilver inleveren en het garnizoen werd met noodgeld betaald.
In juni 1625 bleek de situatie hopeloos. Frederik Hendrik liet de stad weten dat zij zich mochten overgeven en de gouverneur van Breda, Justinus van Nassau, onderhandelde over de capitulatie. Al zijn verzoeken werden ingewilligd, met uitzondering van het verzoek om binnen de stad godsdienstvrijheid te mogen houden. Enkele dagen na de overgave kon het garnizoensleger de stad eervol verlaten en vertrok naar Geertruidenberg. Het op dat moment zeer protestantse Breda werd geconfronteerd met een lange reeks van maatregelen die tot doel hadden het katholicisme weer terug te laten keren. Er kwamen katholieke bestuurders, de kloosters werden weer bevolkt en de kapucijnen en jezuïeten kregen opdracht de rekatholisering met verve aan te pakken.
De overgave van Breda was de laatste grote overwinning van Spanje in de Tachtigjarige Oorlog. In 1628 veroverde Piet Hein de Spaanse zilvervloot waardoor in één klap zoveel middelen beschikbaar kwamen aan de Republiek dat de oorlogsinspanningen effectief konden worden vergroot.
De overgave van Breda is vastgelegd door Diego Velasquez in een van zijn belangrijkste schilderijen.