Tijd van overgang

De Reformatie was een lang proces dat feitelijk al was begonnen in de 15de eeuw met kritiek op mistoestanden binnen de kerk, met name onder geestelijken en kloosterlingen. De aflatenpolitiek en de uitspattingen van enkele renaissance-pausen was aanleiding tot meer kritiek en deed de roep om veranderingen toenemen. Luther en andere hervormers waren de exponenten van een breed gedragen gevoel dat het zo niet langer kon.

In Nederland leidde dit in het tweede kwart van de 16de eeuw nog niet tot een feitelijke scheiding tussen de op Rome georiënteerde katholieken en wat later 'protestanten' zou worden genoemd. Het was een tijd van overgang.

Dit veranderde toen de standpunten zich verscherpten en de politiek partij ging kiezen. Zo vaardigde Karel V in 1550 het bloedplakkaat uit waarin het drukken en verspreiden van ketterse ideeën met de doodstraf en de confiscatie van alle bezittingen werd bedreigd.

Het Concilie van Trente dat tussen 1545 en 1547 voor het eerst bijeen kwam, vormde de aanzet voor veranderingen. Bij dit Concilie was de rector van de Leuvense universiteit, Frans van de Velde (Franciscus Sonnius) aanwezig. Hij zou in 1560 de eerste bisschop van Den Bosch worden en van grote betekenis zijn voor de ontwikkeling die ertoe leidde dat Brabant uiteindelijk merendeels katholiek bleef.




Thuis in Brabant
 
Links | Colofon