Dorp ca. 1850
Na 1800 was er in de layout van het dorp niet zoveel veranderd. Wel in de economie; het veen was immers allang helemaal afgegraven en de exploitatie van het hooiland vormde samen met de leer- en schoennijverheid de basis van de economie.
Ook was de bebouwing veel dichter geworden. De boerderijen waren allemaal met hun smalle kant naar de straat gericht. Bovendien lagen zij meestal pal tegen elkaar. Dat hangt samen met de langgerekte kavels die na de dood van de eigenaar in de lengte gedeeld werden zodat alle kinderen een huis aan de straat konden bouwen.
Dat leverde een voor de Landstraat karakteristiek straatbeeld op dat nog steeds herkenbaar is. Het gaat vaak om fraaie bakstenen gevels, want de Langstraat was een welvarend gebied. Door de aanleg van een dijk was het ook een veiliger gebied dan voorheen. Vandaar dat ook notabelen, ambachtslui en andere neringdoenden zich in het dorp hadden gevestigd. Hun woningen zijn gebouwd aan een straat langs de vaart omdat aan de oorspronkelijke weg geen plaats meer was.
Door met de cursor over de afbeelding te gaan, zijn de aanduidingen van de verschillende locaties te zien.

