
Lijdensretabel in de Sint-Jan van 's-Hertogenbosch. Antwerpen, begin 16de eeuw. Detail: de bewening van de gestorven Christus.

Antwerpen
Vanaf het einde van de 15de eeuw kreeg Antwerpen tot ver buiten de grenzen bekendheid als producent van rijk met beeldhouwwerk gevulde altaarretabels. In de late middeleeuwen waren zulke retabels zeer geliefd ter decoratie van de talrijke altaren. Een belangrijke groep zijn de lijdensaltaren. Daarin staat een voorstelling van de gekruisigde Christus centraal, omgeven door talrijke figuren. Rondom de centrale voorstelling werden taferelen aangebracht die aan het lijden voorafgingen, zoals de Kruisdraging, of daarop volgden, zoals de Bewening. In kleinere voorstellingen werden andere fragmenten uit het leven van Christus verbeeld. Verder zien we dikwijls kleine beeldjes van profeten, herkenbaar aan een boekrol in hun handen, die vanwege hun voorspellingen van de dood van Christus de verbinding vormen tussen het Oude en het Nieuwe Testament. Geschilderde luiken complementeren het verhaal.
Qua stijl onderscheiden de Antwerpse retabels zich door hun rijke vergulding en door een levendige, expressieve stijl met vele gebaren en figuren die gekleed zijn in rijke en fantasievolle kleding.
Waarschijnlijk hebben er in de late middeleeuwen veel Antwerpse retabels in Brabantse kerken gestaan. Tijdens de beeldenstorm en de daaropvolgende jaren van de Reformatie en Tachtigjarige Oorlog zijn die verloren gegaan. Het Antwerpse retabel dat stond opgesteld in de kerk van Sint-Anthonis heeft deze gebeurtenissen overleefd en is uiteindelijk terecht gekomen in de Bossche Sint Jan.