Bossen
De Brabantse oerbossen die na afloop van de ijstijd grote delen
van de provincie bedekten zijn allemaal verdwenen. De huidige
bossen werden aangelegd door de mens met het doel om woeste gronden
te ontginnen en zandverstuivingen in te perken. Een bijkomend
effect van de bosbouw was economisch: het hout van met name
bepaalde dennensoorten werd verkocht voor gebruik in de mijnen,
waar het de gangen moest stutten en als masthout voor de
scheepsbouw. De vele naaldbossen, niet altijd de boeiendste of
ecologisch meest interessante, zijn zo ontstaan. Het oudste naalbos
is het Mastbos bij Breda dat omstreeks
1515 werd aangelegd in opdracht van graaf Hendrik III van
Nassau.
Loofbossen komen verspreid over de hele provincie voor, maar de
totale omvang ervan is ten opzichte van de bebouwde omgeving
relatief beperkt. Een groot complex is het landgoed De Utrecht ten
zuiden van Hilvarenbeek met parkachtig aangelegde bossen van
gevarieerde samenstelling. Het landgoed werd vanaf 1898 aangelegd
door levensverzekeringsmaatschappij De Utrecht. Het bestaat uit
1800 hectare bos, 400 hectare natuurterrein en 600 hectare land- en
bouwgrond.

