Bezettingsjaren

De ontwikkeling naar een geleidelijk stijgende antipathie ten opzichte van de bezetter en een groeiend verzet verliep in Noord-Brabant in grote lijnen op dezelfde wijze als elders in Nederland. Vooral vanaf 1942 liepen de spanningen op. Ten dele was dit veroorzaakt door de spanningen rondom de Jodenvervolgingen, maar ook vele andere maatregelen droegen bij aan een snelle verslechtering van de verhoudingen.

De jodendeportaties begonnen in Brabant op 27 augustus 1942. In datzelfde jaar besloten de Duitsers het concentratiekamp Amersfoort te vervangen door een nieuw kamp bij Vught. De eerste gevangenen werden daar begin 1943 binnengebracht en reeds wtee weken later vertrok een eerste transport van 436 mensen naar Westerbork en vandaar naar Polen, vooral naar de concentratiekampen van Sobibor en Auschwitz. Behalve joden werden in het kamp ook andere gevangenen, gijzelaars en verzetsmensen. Een bijzondere plaats binnen het kamp had het Philipskommando waar een groot aantal joden te werk was gesteld. Een aantal ven hen overleefde door deze activiteit de oorlog. In juni 1944 werden de laatste joden uit Vught gedeporteerd. De niet-joodse gevangenen werden op 5 en 6 september van dat jaar naar Sachsenhausen en Ravensbrück overgebracht.

In de voormalige seminaries van Sint-Michielsgestel en Haaren werden twee gijzelaarskampen gevestigd. Op 15 augustus en 16 oktober werden respectievelijk vijf en drie gijzelaars doodgeschoten als represaille voor aanslagen en sabotageacties in Nederland. 

Door de ligging aan de Belgisch Nederlandse grens ging Brabant een rol spelen in de organisaties die pilotenlijnen hadden opgezet. De eerste initiatieven in die richting dateren al va 1940. Verzetsgroepen waren in verschillende plaat sen in Brabant actief, vaak in samenwerking met landelijke organisaties zoals de Landelijke Organisatie voor Hulp aan Onderduikers (LO) en de Knokploegen (KP's). In de nazomer van 1944 richtte de KP in de Biesbosch een krijgsgevangenenkamp op voor Duitsers die door hen waren overvallen. Deze krijgsgevangen werden in november van dat jaar overgedragen aan de Poolse troepen. In de laatste maanden van de oorlog werden, vooral via de Biesbosch nog vele crossings uitgevoerd naar bezet gebied om de contacten met het verzet in het noorden te kunnen houden en voor spionagedoeleinden.




Thuis in Brabant
 
Links | Colofon