De bevrijding

Begin september 1944 waren de geallieerden niet ver van de Belgisch-Nederlandse grens verwijderd. Zij hadden het plan dat najaar Nederland te bevrijden en van daaruit de aanval in te zetten op Duitsland zelf. Het ambitieuze plan begon met de tot dan toe grootste luchtlandingsoperatie: Market Garden. De eerste parachutisten werden gedropt op 17 september. Vanuit België werd getracht een corridor door Brabant te veroveren via welke een verbinding tot stand moest komen tussen de troepen in het zuiden en de lichtbewapende luchtlandingstroepen rond Arnhem en Nijmegen. Door gebrekkige intelligence, onvoldoende communicatiemiddelen, onbekendheid met  het terrein en andere omstandigheden werd het ultieme doel van Market Garden niet bereikt. Wel werd het zuiden van Nederland bevrijd. Dat verliep echter alles behalve gemakkelijk.

Een deel van de luchtlandingstroepen was geland bij Son en Veghel, met als opdracht de bruggen over de Zuid-Willemsvaart, de Aa en het Wilhelminakanaal te veroveren. Daarin slaagden zij ten dele; alleen de brug bij Son werd door de Duitsers opgeblazen. De brug bij Grave werd veilig gesteld door luchtlandingstroepen van de Amerikaanse 82ste divisie. Op 18 september werd Eindhoven bevrijd, maar een zwaar bombardement door de Luftwaffe verwoestte een del van de stad. Tweehonderd Eindhovenaren kwamen daarbij om het leven. Omdat ook bij Best bruggen waren vernield kon de geallieerde opmars pas op 19 september worden hervat, nadat bij Son een baileybrug was gelegd. De 'Hell's highway' van Son naar Grave bleef echter een kwetsbare route die regelmatig moest worden afgesloten wanneer de Duitsers te dicht in de buurt kwamen. Op 25 september bleek Market Garden te zijn mislukt. De meest noordelijke bevrijde stad was Nijmegen.

Na 25 september begonnen de geallieerden de gebieden aan weerszijden van de corridor te bevrijden. De Duitsers hebben zich daarbij hardnekkig verzet waardoor deze bevrijding een moeizame aangelegenheid werd. Een zware tankslag vond plaats bij Overloon. Ook in West-Brabant werd op enkele plaatsen heftig gevochten, al liep de bevrijding daar gemakkelijker. Midden oktober was West-Brabant bevrijd, in de drie weken daarna volgde de rest van de provincie, met uitzondering van het Land van Altena.

De bevrijding bracht grote schade. Alleen al in Den Bosch gingen op een totaal van 10.600 woningen er 700 totaal verloren, zeshonderd werden er zwaar beschadigd en tweeduizend ernstig. Bij de beschietingen gingen in die stad 253 levens verloren. In Heusden hadden de Duitsers explosieven geplaatst in het stadhuis. In de kelders van dat stadhuis bevonden zich op het moment van de explosie in de nacht van 4 op 5 november 150 mensen, waarvan er 134 werden gedood. 




Thuis in Brabant
 
Links | Colofon