
Ontwerp voor een ereboog ter gelegenheid van het bezoek van Lodewijk Napoleon aan 's-Hertogenbosch van 18-22 april 2009. Pentekening met aquarel, 50,6 x 39,4 cm. 1809. 's-Hertogenbosch, Noordbrabants Museum.

Lodewijk Napoleon (1806-1810)
De politieke successen van het in 1796 aangetreden bestuur waren niet groot. Ten dele was dit het gevolg van spanningen tussen de verschillende politieke groeperingen, ten dele van onervarenheid in het tot stand brengen van een democratisch-liberale staat.
De Brabantse vertegenwoordiger Pieter Vreede speelde een vooraanstaande rol in deze jaren.
Bovendien werd de Bataafse Republiek bedreigd door Engeland dat de Prins van Oranje weer aan de macht willen helpen om daarmee een sterkere positie te krijgen tegen Frankrijk. Nadat Napoleon in 1799 in Frankrijk aan de macht was gekomen raakten de ontwikkelingen in een stroomversnelling.
In 1801 volgde de staatsgreep van de Franse bevelhebber generaal Augereau met drie leden van het Uitvoerend Bewind die een einde maakte aan de bestaande staatsregeling. De Bataafse Republiek werd daardoor meer in lijn gebracht met de anti-Engelse atmosfeer van Frankrijk en de ingezette centralisatiepolitiek werd teruggedraaid.
In 1806 bleken de bedoelingen van Napoleon duidelijk toen hij zijn broer Lodewijk benoemde tot koning van de Bataafse Republiek, dat daarmee Koninkrijk Holland werd. In naam bleef dit koninkrijk onafhankelijk.
Lodewijk Napoleon deed zijn uiterste best een koning voor Holland te zijn, onder meer door een eigen politieke lijn te volgen. Hij zette zich met name in voor problemen in Brabant, zoals tijdens een uitbraak van de gevreesde zweetziekte en bij overstromingen.
In 1809, tijdens een reis door Brabant verleende hij stadsrechten aan drie Brabantse steden: Tilburg, Roosendaal en Oosterhout. Deze reis had een grote symbolische betekenis voor de Brabanders die alle aandacht beschouwden als een bewijs dat de periode van achterstelling nu echt voorbij was.
Lodewijk nam ook maatregelen om de ongelijkheid op grond van religie versneld te beëindigen.
Spanningen met zijn broer over, onder meer, de invoering van dienstplicht in Holland escaleerden toen de Engelsen in 1809 een poging deden om Zeeland te veroveren. Lodewijk wist deze aanval af te slaan maar werd toch naar Parijs geroepen voor overleg. Napoleon besloot daarop het deel van Holland ten zuiden van de grote rivieren in te lijven bij Frankrijk. Een jaar later trokken de Franse troepen ook op naar de steden in Holland. Lodewijk Napoleon besloot af te treden ten gunste van zijn zoon en vluchtte zelf naar Parijs.