Kerkelijke ontwikkelingen
Twee ontwikkelingen op kerkelijk gebied drukten hun stempel op de kerkgeschiedenis van Noord-Brabant in de eerste helft van de 19de eeuw.
In de eerste plaats de aanloop naar de katholieke emancipatie waarin figuren als koning Willem II en de latere bisschop Johannes Zwijsen een hoofdrol speelden.
In de tweede plaats was er de Afscheiding van de orthodoxen in de Hervormde Kerk in 1834. Deze afscheidingsbeweging was ontstaan in Groningen uit onvrede over de verwatering van de bijbelse leer, maar kreeg snel vaste voet aan de grond in enkele protestantse gemeenten in Noordwest-Brabant.
Hoewel de opstap naar de katholieke emancipatie 'Brabant-breed' grote gevolgen had, mag ook de betekenis van de aanvankelijk marginale protestantse afscheidingsbeweging niet worden onderschat. Beide ontwikkelingen hebben grote invloed gehad op de kerkelijke geschiedenis van Nederland in de daaropvolgende eeuw op op de vorming van de Nederlandse identiteit.
