Franse inval van 1793

Omdat de Republiek door de Franse revolutionairen als een vijand van het Franse vrijheidsstreven werd beschouwd, vielen op 1 februari 1793 14.000 Franse militairen binnen onder leiding van generaal Dumouriez.

De inval richtte zich vooral op West-Brabant. Men hoopte van daaruit door te kunnen stoten naar Holland.

De komst van het Franse leger werd aangegrepen als een aanleiding om in vele Brabantse dorpen en steden de vrijheidsboom op te richten.

De vrijheidsboom, voor het eerst gebruikt in Boston in de vrijheidsstrijd tussen Amerikanen en Engelsen in 1765, was het symbool geworden van de Franse revolutie. In de vrijheidsboom hing meestal een vaandel en de Phrygische of Jacobijnse muts, eveneens een revolutionair symbool.

De intocht van de Fransen had aanvankelijk succes met de inname van Breda op 27 februari, maar de belegering van Willemstad vanaf de ochtend van 1 maart liep op een mislukking uit. Wel werd enkele dagen later Geertruidenberg ingenomen.

Uiteindelijk was de positie van het Franse leger strategisch niet meer houdbaar en tegen het einde van maart waren alle Franse troepen weer weg en werden de vrijheidsbomen demonstratief omvergehaald.




Thuis in Brabant
 
Links | Colofon