
In het noordoosten van de stad is de vorm van het ravelijn op de Zoom in het stratenpatroon bewaard gebleven.

Bergen op Zoom
Na de Sint-Felixvloed van 1530, die het begin inluidde van de verzanding van de Oosterschelde, was Bergen op Zoom economisch achteruit gegaan. Wel werd de stad later in die eeuw van grote strategische betekenis als een militair steunpunt op de grens van de Noordelijke en Zuidelijke Nederlanden. Die ligging vroeg erom dat de stad een goed te verdedigen bolwerk werd.
In 1588 werd de stad belegerd door de Spanjaarden onder leiding van de hertog van Parma. In de daaropvolgende jaren werd een uitgebreid stelsel van vestingwerken gebouwd en in 1622 volgde opnieuw een belegering door de Spanjaarden, dit maal onder leiding van Spinola.
Rond 1700 vond opnieuw een uitbreiding van de versterkingen plaats, deze keer onder leiding van Menno van Coehoorn die een nieuw verdedigingssysteem met grote bastions ontwierp. Die ging toen onder meer ten koste van de oude stadsmuur. Een zware belegering vond plaats in 1747 toen Franse troepen, ondanks het feit dat de vestingwerken vrijwel als onneembaar golden, een groot deel van de stad verwoestten en de Gertrudiskerk in puin schoten.
In 1867 werd de vesting opgeheven en begon de ontmanteling van de vestingwerken. Slechts op enkele plaatsen in de stad is nu nog iets van het bestaan ervan in het stratenpatroon bewaard gebleven.