Gotische kerken in de oude steden

De gotiek deed in het hertogdom Brabant in de 14de eeuw zijn intrede. Initiatiefnemers tot de bouw waren in de meeste gevallen de colleges van kanunniken die verbonden waren aan veel grote stadskerken. Deze colleges of kapittels hadden meestal goede inkomstenbronnen om de financiering van zulke grote projecten mogelijk te maken. Al snel ontwikkelde zich een regionale variant van de klassieke gotiek die bekend is gebleven als de Brabantse gotiek. Hij wordt gekenmerkt door het vasthouden aan de plattegrond van de klassieke Franse kerken; door een wandopbouw in drie zone's met scheibogen, triforium en lichtbeuk; door het vaak ononderbroken laten doorlopen van de profiellijsten van de pijlers naar de gewelfribben; door een relatief geringere hoogte dan bij de meeste Franse kathedralen; door de toepassing van kapitelen waarin krullende zeekool en distelbladeren zijn gehouwen; tenslotte door een versiering van wanden aan zowel in- als exterieur met een decoratieve tracering. Het rond 1335 gebouwde koor van de Sint-Romboutskerk in Mechelen geldt als het vroegste voorbeeld van deze stijl, die overigens niet beperkt bleef tot het hertogdom. Ook in Vlaanderen, Zeeland, Holland en het noorden van Frankrijk vindt men de Brabantse gotiek.

Van de middeleeuwse steden in het huidige Noord-Brabant zijn er twee waar kerken onmiskenbaar in deze stijl zijn gebouwd: 's-Hertogenbosch, Breda. De Sint-Gertrudiskerken van Geertruidenberg en Bergen op Zoom zijn randgevallen omdat de stijl van de Brabantse gotiek daarin minder consequent is doorgevoerd. De kerk van Helmond was in stijl en type geen stads-, maar een dorpskerk, en niet eens een van de grootsten.



Thuis in Brabant
 
Links | Colofon