Schuurkerken

Na de inlijving van Brabant bij de Republiek der Verenigde Nederlanden werd de vrije uitoefening van de katholieke eredienst ernstig beperkt. Kerken werden geconfisqueerd en er kwamen zware straffen op het openlijk praktiseren van de religie.Tijdens de Franse overheersing van 1672 tot 1678 werden de regels enigermate verlicht. Vanaf die tijd was de uitoefening van de eredienst toegestaan in schuurkerken, onopvallende bouwsels die aan de buitenzijde niet als zodanig herkenbaar mochten zijn. Bovendien moesten de katholieken voor deze regeling vaak hoge bedragen neertellen in de vorm van recognitiegelden. De benaming schuurkerken betekent niet dat dit gebouw ook feitelijk in een schuur gevestigd was. Ook stenen gebouwen functioneerden als schuurkerk, zolang aan de buitenzijde geen verwijzingen naar enig liturgisch gebruik aanwezig waren.

Er zijn in Brabant nog enkele gebouwen over die geheel of ten dele als schuurkerk hebben gediend. Het best bewaarde voorbeeld is de schuurkerk in de huidige Paterstraat in Den Dungen. De oudste berichten over dit gebouw zijn van 1717 toen pastoor Johannes van Rijckevorsel boven het priesterkoor een gewelf liet timmeren. De schuurkerk had en heeft nog steeds het uiterlijk van een boerderij. Het woongedeelte diende lange tijd als pastorie en de deel als kerk. In 1823 werd de kerk weer een boerderij.

Op een omstreeks 1745 gemaakte tekening van Jan de Beijer is de met stro gedekte schuurkerk van Overloon te zien. De katholieken van dit dorp bouwden deze kerk omstreeks 1700; daarnaast stond de woning voor de pastoor die de kerk bediende. De schuurkerk werd in 1821 afgebroken.



Thuis in Brabant
 
Links | Colofon