Meierij van 's-Hertogenbosch
's-Hertogenbosch was de hoofdplaats van de Meierij, een van de vier onderdelen van het hertogdom Brabant, naast Leuven, Brussel en Antwerpen. Als gebied was het de rechtsopvolger van de voormalige gouw Taxandria dat in handen van de hertogen van Brabant was gekomen. Het werd namens de hertog bestuurd door de meier of hoogschout.
Zelf was de Meierij onderverdeeld in de kwartieren Oisterwijk (hoofdplaats Oisterwijk), Kempenland (hoofdplaats eerst Oirschot, later Eindhoven), Peelland (hoofdplaats eerst Sint-Oedenrode, later Helmond) en Maasland (hoofdplaats Oss).
Ook enkele vrije heerlijkheden in het noordoosten van de huidige provincie Noord-Brabant worden vaak genoemd als onderdelen van de Meierij, hoewel ze daar in juridische zin geen deel van uitmaakten: het Land van Cuijk, de heerlijkheid van Ravenstein, de baronie van Boxmeer, het territorium Gemert , het graafschap Megen en de heerlijkheid Bokhoven.
Geen onderdeel was Luijksgestel dat tot 1807 Luiks gebied was. In dat jaar werd het geruild tegen het thans Belgische Lommel dat oorspronkelijk wel een onderdeel van de Meierij was.
Als politieke eenheid bleef de Meierij bestaan tot aan de proclamatie van de Bataafsche Republiek in 1795. Als streeknaam wordt de naam nog wel gebruikt, met name voor het gebied in de driekhoek 's-Hertogenbosch - Haaren - Sint-Oedenrode.
