Megen

Megen was de hoofdstad van een gelijknamig graafschap. Het plaatsje werd toentertijd aan drie zijden door de Maas omsloten. Het was een souverein gebied, maar het heeft zijn zelfstandigheid herhaaldelijk moeten bevechten, vooral met de hertog van Gelre.

In 1357 kreeg Megen stadsrechten en werd het voorzien van een nog gedeeltelijk bestaande omwalling met poorten en torens. Geleidelijk aan werd de graafschap steeds meer afhankelijk van de hertog van Brabant.

Ongeveer een eeuw lang heeft het stadje een eigen muntrecht gehad. In 1450 echter moest men dit recht onder druk van de hertog van Brabant opgeven nadat er met de muntslag was geknoeid.

Megen behield zijn positie als zelfstandig graafschap tot 1795. Daardoor behield het tevens godsdienstvrijheid en kon het de vestigingsplaats worden van enkele uit Staats-Brabant gevluchte kloosters.




Thuis in Brabant
 
Links | Colofon