Steenbergen
Steenbergen heeft al in de 13de eeuw betekenis gekregen vanwege de turfstekerij in de omringende veengebieden en de zoutwinning (darinkdelven). Ook werden er schepen gebouwd en waren er landbouwbedrijven. Vanwege die economische betekenis kreeg de nederzetting al in 1272 een reeks voorrechten die een stedelijke ontwikkeling mogelijk maakten.
In 1331 kreeg men het recht de plaats te ommuren en in de daaropvolgende decennia groeide Steenbergen uit tot een middeleeuwse stad met een haven en belangrijke jaarmarkt.
Het belang van het stadje blijkt ook uit het feit dat de plaatselijke Sint-Jacobskerk in de 16de eeuw werd verbouwd door Rombout en Anthonis Keldermans, architecten die tot de belangrijkste Nederlandse bouwmeesters van hun tijd worden gerekend. Deze kerk is in 1830 afgebroken.
De Tachtigjarige Oorlog maakte aan deze bloei een einde.
