Vroegmiddeleeuwse boerderijen

In de vroege middeleeuwen zien we bij boerderijen een geleidelijke verbetering van de gebintconstructie. Deze ontwikkeling begon al in de laat-Romeinse tijd toen de dwarsverbindingen tussen de wanden aan de buitenzijden vaak op dubbele stijlen rustten, waardoor de binnenstijlen konden verdwijnen en de binnenruimten nuttiger gebruikt konden worden (afbeelding a). Vanaf de Merovingische periode werden de buitenste rijen van de dubbelstijlen schuin geplaatst. Het werden schoren die de stabiliteit vergrootten, maar niet voor extra binnenruimte zorgden (afbeelding b). Vanaf de 9de eeuw werden de schoren naar binnen geplaatst. Dat leverde behalve stevigheid ook ruimtewinst op (afbeelding c).

Niet alle boerderijen uit de vroegmiddeleeuwse periode horen tot een van deze typen. De Merovingische boerderijen die in Geldrop werden opgegraven hadden een eenvoudige plattegrond bestaande uit twee rijen van houten staanders die het dak droegen.



Thuis in Brabant
 
Links | Colofon