http://data.brabantcloud.nl/nl/api/search/v1?lang=nl&format=xml&id=brabantcloud_geschiedenis_oai-tib-1967brabantcloud_geschiedenis_oai-tib-1967
Abraham Bloemaert (Gorinchem 1564 - Utrecht 1651)

Abraham Bloemaert (Gorinchem 1564 - Utrecht 1651)

Abraham Bloemaert was in de eerste helft van de 17de eeuw een van de belangrijkste katholieke Noord-Nederlandse schilders. Hij kreeg vanwege zijn geloofsovertuiging verschillende opdrachten uit de Zuidelijke Nederlanden. In 1612 schilderde hij voor het hoofdaltaar van het Clarissenklooster in Den Bosch een groot doek met de Aanbidding door de Herders. Het bijzonder sterk gecomponeerde werk neemt een bijzonder plaats in binnen het werk van Bloemaert. Aangenomen wordt dat de grote aandacht die hij besteedde aan dit doek verband houdt met de omstandigheid dat het bestemd was voor het Bossche klooster waarin zijn jongste zus Barbara vijf jaar eerder was ingetreden. Zij had haar besluit dat te doen kenbaar gemaakt op kerstavond, tevens de 40ste verjaardag van Abraham Bloemaert. Het schilderij is later door Boëtius Bolswert als voorbeeld gebruikt voor een zeer populaire kopergravure.  Ook voor het hoogaltaar van de Sint-Jan maakte Bloemaert een groot schilderij, voorstellende de Voorspraak van Christus en Maria bij God de Vader. Dit onderwerp was in deze tijd zeer populair omdat de rol van Maria als middelares tussen God en de mensen door de reformatorische kerken werd afgewezen en door de katholieken juist met kracht werd gesteund. Bloemaert werd waarschijnlijk al in 1613 benaderd met het verzoek een ontwerp voor dit schilderij te maken. Wellicht dat hierin ook de toenmalige bisschop, Gijsbertus Masius, een rol in heeft gespeeld. Masius was een vurig Mariavereerder en heeft zichzelf laten afbeelden met Christus en Maria als middelares op een raam van de Bossche Pieterskerk. Masius heeft de voltooiing van het schilderij niet meegemaakt omdat hij in 1614 overleed. Zijn opvolger Zoesius werd wel geconfronteerd met de kritiek van het kathedrale kapittel. Een van de leden van dit kapittel vond dat de wijze waarop Christus als lijdende mens was afgebeeld ongepast. Hij was verder van mening dat de ontblote rechterborst van Maria ronduit onbehoorlijk was. De kwestie werd voorgelegd aan geleerden van de universiteit van Leuven die hem gelijk gaven. Toch is het schilderij daarop niet aangepast. In 1629 werd het meegenomen naar Antwerpen en later Mechelen. Pas in de 19de eeuw keerde het terug. Toen is de borst van Maria overgeschilderd, een aanpassing die bij de restauratie in het begin van de 20ste eeuw weer ongedaan is gemaakt. Het schilderij hangt op dit moment nog steeds in de Sint-Jan, zij het niet meer in het in 1872 afgebroken hoogaltaar. Voor zover bekend maakte Bloemaert nog twee andere schilderijen voor Bossche opdrachtgevers, een schilderij met Veronica voor het Clarissenklooster en een schilderij met het visioen van Ignatius van Loyola voor de Jezuïtenkerk.

Objectsoort Verhaal
Uitgever Erfgoed Brabant
Instelling/bron Geschiedenis van Brabant
Rechten Erfgoed Brabant


Thuis in Brabant
 
Links | Colofon